Oplegvilt

Nederland heeft bouwkundig gezien een vilttraditie. Al heel lang gebruikt men hier stroken gemaakt van koehaar voor het opleggen van bouwmaterialen. Over de grens kent men dit zogenoemde haarvilt niet of nauwelijks. Andere materialen zoals rubber hebben een minder lange traditie, maar worden ook al decennia toegepast. In de B&U-bouw blijft men elk oplegmateriaal echter stug ‘oplegvilt’ noemen. Soortnaam wordt eigennaam net als ‘aspirine’ een synoniem is geworden voor ‘pijnstiller’. Op zich is dit geen probleem, maar met het gebruik van de term ‘vilt’ ontstaat veel onduidelijkheid over de materiaaleigenschappen. “Is dit oplegvilt wel bestand tegen verrotting?” In dit artikel wordt uitleg gegeven over de levensduur van verschillende oplegmaterialen en de factoren die daarop van invloed zijn.

Het in de bouwwereld gebruikelijke jargon voor oplegmaterialen is een bron van verwarring. Niet alleen op de bouwplaats worden de verkeerde termen gebruikt. Ook in bestekken en tekeningen komen we onjuiste aanduidingen tegen. In het artikel ‘Oplegjargon’ wordt een overzicht gegeven van de juiste benamingen. Ook wordt ingegaan op de technische eigenschappen van de verschillende materialen. Maximale oplegdruk, indrukking en elasticiteit zijn natuurlijk van groot belang, maar in voorkomende gevallen willen we ook weten hoe lang een bouwstof meegaat.

Weersbestendigheid of de weerstand tegen ‘atmosferische invloeden’ kan bepalend zijn voor de levensduur van oplegmateriaal. Onder deze noemer vallen hoofdzakelijk UV-straling (zonlicht), ozon, vocht (samen met zuurstof), extreme temperaturen en combinaties hiervan. Warmte is een katalysator in elk ontbindingsproces. Veroudering wordt daarom altijd versneld gesimuleerd onder hoge temperaturen.

Per oplegmateriaal wordt bekeken welke invloeden van belang zijn. Chemische belastingen worden hier buiten beschouwing gelaten. Vraag ons om advies in voorkomende gevallen.

Haarvilt wordt, zoals hierboven al aangegeven, gemaakt van koehaar uit de veeteelt. Zoals alle organische materialen vergaat dit. ‘Stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren’. Dit geldt niet alleen voor mensen maar ook voor dieren. Niet alle lichaamsdelen ontbinden echter even snel. Haar bestaat uit keratine en dit vergaat niet snel. Vocht, een voedingsbodem voor schimmels, in combinatie met zuurstof bespoedigt het ontbindingsproces. Synthetisch viltIn een vochtige warme omgeving zal haarvilt dus verrotten. In droge toestand gaat het heel lang mee. Het zogenoemde ‘staalvilt’ – vilt dat is geïmpregneerd met een vet- of wasmengsel  – is wel goed bestand tegen vocht.

Synthetisch vilt wordt doorgaans gefabriceerd uit polypropyleenvezels. Polypropyleen (PP) behoort tot de polyolefinen, een groep kunststoffen op basis van koolstof en water. Een PP-vezel neemt geen water op. Schimmels krijgen dus geen kans. Regenwater en dauw brengen het materiaal echter wel in contact met zuurstof. Hierdoor ontstaat een oxidatieproces. Door toevoeging van antioxidanten wordt de levensduur van PP verlengd. De grootste bedreiging voor PP is UV-straling. Ook met toegevoegde UV-beschermers is de bestendigheid van polyolefinen tegen UV in combinatie met zuurstof beperkt. In afgesloten omstandigheden – tussen twee bouwdelen – zal synthetisch vilt niet vergaan.

Elastomeer (synthetisch rubber) is een kunststof met veerkrachtige eigenschappen. Rubber neemt nagenoeg geen vocht op. Er is geen sprake van verrotting of aantasting van het oppervlak. In geval van (mogelijk) vochtige omstandigheden kiest men dus rubber als Viking_rubberoplegmateriaal. Zonder toevoegingen zijn de meeste rubbersoorten niet of slecht bestand tegen UV-straling en ozon. Rubbermengsels bevatten daarom stoffen die veroudering door deze invloeden tegengaan. Als er bezuinigd wordt op de ingrediënten, gaat dit vaak ten koste van de levensduur. Met bijvoorbeeld bitumen als vulstof, zal het rubber snel zijn elastische eigenschappen verliezen. Hoogwaardig oplegrubber is getest op de invloed van UV en ozon middels versnelde verouderingstesten. Met name EPDM en chloropreenrubber (CR) kunnen heel lang meegaan. In de regel net zo lang als de levensduur van het bouwwerk waar zij onderdeel van uitmaken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s